BOBBEJAAN UPDATES

Muzikant, Auteur, Componist, Zanger en Entertainer, Stichter en bezieler van Bobbejaanland

"Je laten gaan, helpt niet. Je moét vechten"

08/10/2000

Bobbejaan Schoepen (75): "Je laten gaan, helpt niet. Je moét vechten"

Miljoenen platen heeft hij verkocht, hij maakte furore tot ver over de grenzen, liedjes als 'Mijn Duivenkot' staan in het collectieve geheugen gegrift en zijn pretpark bezorgt elk jaar duizenden kinderen een avontuurlijke dag: als rasartiest en hardwerkend ondernemer is Bobbejaan Schoepen een begrip. Vandaag heeft Bobbejaan echter al zijn energie nodig in de strijd tegen darmkanker: "Je moét blijven vechten, zelfs al lijkt de tegenstander een tijger die je helemaal dreigt te verslinden."

Tekst: Marc Peirs, uit Leven 8, oktober 2000
Vlaamse Liga tegen Kanker

"Pijn. Dat vind ik het ergste. Nu weer mijn rug. Op een nacht, enkele maanden geleden, stapte ik uit bed omdat ik naar de living wou. Ik viel op de grond en kwakte tegen een kast aan - evenwichtsstoornissen door de chemotherapie wellicht. Elke dag krijg ik massage om de pijn te verzachten. 's Nachts draag ik een korset. Ik ben soms nog altijd wankel te been. Maar sindsdien ben ik toch niet meer gevallen."

"Ik was altijd moe, echt door en door moe. Met Felice trok ik naar de Provence voor televisieopnames. 's Avonds zou ik zingen bij het kampvuur en overdag zou ik paardrijden. Bobbejaan-de-cowboy, mijn bekende artiestenimago. Maar ik vond mijn stem niet te best klinken, en ook paardrijden ging niet denderend. Terug thuis trok ik naar de dokter. Darmkanker, zo bleek. Ik zou liegen als ik zeg dat ik niet schrok toen ik de diagnose vernam. Ik was niet boos, niet kapot van verdriet, nee. Ik hoorde de uitslag en het overkwám me – of beter: kanker overviél me. Als je pijn uitschreeuwt, gaat hij daarom nog niet weg hé."

"In november 1999 ben ik geopereerd. Een geslaagde ingreep: de kanker was helemaal verwijderd. Nadien kreeg ik zes sessies chemotherapie. Bijzonder zwaar. Na elke spuit voelde ik me rotslecht. In tegenstelling tot de meeste patiënten die dit soort chemotherapie krijgen, heb ik enorm veel last van de bijwerkingen. Vooral in mijn brein is de chemo een splinterbom. Ik raak de draad van mijn verhaal kwijt. Soms weet ik nauwelijks wat ik zeg. En mijn geheugen is een zeef. Ik kan bijvoorbeeld het woord ‘stoma’ niet onthouden, terwijl ik er zelf één heb (lacht)."

"De chemotherapie maakte me ook zeer zwak en gevoelig voor ziektes. Ik kreeg bronchitis: zes weken aan een stuk hoesten, en zo zwáár, dat hou je niet voor mogelijk. Later verloor ik goeddeels het zicht in mijn rechteroog. Als jij tegenover me zit, dan zie ik wél de contouren van je hand en je benen, maar nauwelijks de kleur van je kleren. Ik heb last met mijn dieptezicht. Schenk ik koffie in, dan giet ik gegarandeerd naast het kopje. 'Last van staar,' zegt de oogarts. Maar tijdens de chemotherapie kon en mocht hij er niets aan doen. Of mijn benen, nog zoiets. Ik ervaar dikwijls een bizarre, onaangename tinteling. Ik heb er zelf een remedietje tegen bedacht: ik wrijf er ijsblokjes over. Niets anders helpt."


Schipbreukeling

Bobbejaan toont met gepaste trots de opnamestudio naast de woonkamer. De plek ademt de sfeer uit van zijn grootse loopbaan. Een indrukwekkende verzameling eigen elpees, foto’s met klinkende namen uit de internationale showbizz, een batterij gitaren. En natuurlijk een gigantische collectie cowboyhoeden en bijpassende boots, de attributen waarmee Bobbejaan jarenlang zijn imago van ‘cowboy van de Kempen’ gestalte gaf. De aarzelende en zoekende man die eerlijk en breekbaar over zijn ziekte spreekt, ontpopt zich in deze studio tot een geboren entertainer. Met hoed, gitaar én feilloos geheugen brengt hij een privé-concertje met enkele hits en, in primeur, een nieuw nummer dat hij in het ziekenhuis schreef.

"Kanker is als schipbreuk lijden op vijf kilometer van de kust. Het schip zinkt, je springt overboord, je verzamelt al je krachten en je zwemt voor je leven. Maar net als je denkt de kustlijn te bereiken, zwiept een geweldige golf je opnieuw in volle zee. En opnieuw zwem je naar de kust. En wéér neemt een golf je mee. Je bijt op je tanden. Je vecht. Maar je wordt telkens teruggeworpen. Hoe vaak kan je die inspanning opbrengen? Ik geef het toe: na zoveel strijd zijn er al momenten geweest waarop ik dacht ‘foert!’. Soms wil ik de handdoek in de ring gooien. Maar telkens weer steekt mijn levensdrift de kop op. ‘Komaan Bob, ben je een man of een voddenvent?’, denk ik dan. "

"In Turnhout krijg ik een prima medische begeleiding. De dokter leeft werkelijk met me mee. En van fans heb ik heel wat kaartjes en telefoontjes gekregen. Dat doet deugd. Zonder mijn familie en vrienden had ik het niet gered. Geliefden rond je hebben, is enorm belangrijk. Als ik denk aan al die mensen die in eenzaamheid moeten vechten, waar alleen de verpleegster even op bezoek komt… Brr. Dat is bar."

“Jacques, stop met roken!"

Bobbejaan verzorgt graag een rondleiding door zijn levenswerk Bobbejaanland. Met vaste hand stuurt hij zijn elektrisch karretje door het pretpark. Onderweg ontsnapt niets aan zijn aandacht: een verkeerd geparkeerde wagen, een rondslingerend papiertje, een deugnietenstreek van een tiener. Telkens spreekt de patron de onverlaat streng toe. "Ho ja, als ik rotzooi zie rondslingeren of als ik personeelsleden zie niksen, dan kom ik nog altijd tussenbeide. Maar het is dit jaar amper de vierde keer dat ik het park bezoek. Als je alle energie nodig hebt om te vechten tegen kanker, dan denk je niet aan de zaak, weet je."

"Waar komt kanker toch vandaan? Die vraag stel ik me dikwijls. Goed, van keel- en longkanker is de oorzaak bekend: roken. In 1952 zei ik al tegen Jacques Brel: ‘Jacques, stop met roken! Dat is slecht voor je!' En hij dan: ‘We moeten érgens aan dood.' Maar de andere kankers? Hoe krijg je die? Ik heb altijd gezond geleefd. Nooit gerookt, matig in drankgebruik. Je gaat gezond slapen, en de dag erna word je wakker met kanker. Het is een mysterie."

"Onrechtvaardig? Zo denk ik daar niet over. We kunnen niets anders doen dan ons lot aanvaarden. Ik ben niet bang om dood te gaan. Nooit geweest. Volgens mij is doodgaan iets als geboren worden: je bent erbij aanwezig, maar je weet van niets."

"Ik hoop dat mijn verhaal mensen met kanker hoop geeft. Je laten gaan, helpt niet. Je moét vechten. Zelfs al is de tegenstander een tijger die je helemaal dreigt te verscheuren. Als je je overgeeft, ben je zeker verloren."

Bobbejaan Schoepen is bij het brede publiek gekend als de oprichter van ‘Bobbejaanland’. Samen met zijn echtgenote Josée bouwde hij het familiepark uit tot een internationale trekpleister. Maar Schoepen was ook muzikant, auteur-componist, zanger...



Op 9 juni vindt op het plein aan de Bibliotheek en het Ontmoetingscentrum van Lichtaart de 8ste Bobbejaan Memorial plaats. Dit jaar wordt de Memorial gecombineerd met een inhulding van een kunstwerk ter ere van Bobbejaan. Het programma vindt u...