BOBBEJAAN UPDATES

Muzikant, Auteur, Componist, Zanger en Entertainer, Stichter en bezieler van Bobbejaanland

Biografie

Bobbejaan Modest Hyppoliet Joanna Schoepen (Boom, 16 mei 1925 - Turnhout, 17 mei 2010) was een Vlaamse zanger, gitarist en fantaisist. Hij was een voormalig acteur en kunstfluiter, alsook oprichter en voormalig directeur van het amusementspark Bobbejaanland. Hij werkte zich op vanuit een arbeidersmilieu tot een succesvol ondernemer.

Zijn jongste zoon Tom Schoepen maakte de biografie Bobbejaan en vat hieronder het leven en werk van zijn vader samen.


Bobbejaan Schoepen was een pionier in de Belgische muziekgeschiedenis [2] [3]: hij was in 1948 de eerste Belgische zanger die internationaal doorbrak. Hij was ook de eerste die gebruik maakte van modern materiaal, een eigen toerbus en een systeem van artiestensponsoring. Vanaf de jaren 40 en 50 introduceerde hij ook countryproducties in de lage landen, Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk.  [2] [4] Hij staat ook internationaal bekend om zijn virtuoze fluittalent, een gave die hij verloor door een operatieve ingreep.[5]

Hij manifesteerde zich als een volkszanger met een brede muziekstijl, en als een soort entertainer-fantaisist voor wie zelfironie een handelsmerk was. Op muzikaal vlak floreerde hij vanaf eind jaren 40 tot in het midden jaren 60. Van zijn repertorium van 495 nummers ging vijf miljoen platen over de toonbank: van kleinkunst, levensliederen, filmische instrumentale songs en chansons tot ronduit geflipte volksmuziek.[6] Tot zijn grootste internationale successen behoren het levenslied "Ik heb eerbied voor jouw grijze haren", de parodie "Café zonder bier" en "Je me suis souvent demandé"[7] , een chanson waarmee Richard Anthony in Frankrijk en Zuid-Amerika een hit scoorde. Het leverde Schoepen in 1965 in Parijs een artistieke onderscheiding op.[8]     

Vanaf de jaren 70 legde hij zich louter toe op Bobbejaanland, dat in 1961 ontstond, waardoor het belang van zijn muzikale carrière op de achtergrond kwam. In 43 jaar tijd groeide het uit tot een van de bekendere parken in Europa, gerund door hem en zijn familie.[9]    

Toen Bobbejaan aan darmkanker leed, besliste hij in 2004 met zijn vrouw en kinderen om het park te verkopen.[10] Na de verkoop focuste hij zich weer op zijn muziekcarrière. In 2007 ontving hij in België een Lifetime Achievement Award voor zijn pionierschap in de Belgische muziekgeschiedenis.[11] In 2008 werd hij opgenomen in de Amerikaanse Whistlers Hall Of Fame.[12] Na aandringen van Koning Albert II ontving Bobbejaan Schoepen op 6 juli 2009 het ereteken van Officier in de Kroonorde, uitgereikt aan Belgen met grote artistieke, letterkundige of wetenschappelijke verdiensten. [9]    

Op 18 mei 1961 trad Bobbejaan Schoepen in het huwelijk met voormalig operazangeres en fotomodel Josephina (Josee) Jongen (1931-2013). Ze kregen vijf kinderen: Robert ("Bob jr.", 1962), Myriam (1963), Jack (1964), Peggy (1968) en Tom (1970).

Levensloop

Vroege muzikale periode

Modest Schoepen groeide op in een smidse in Boom. Eind jaren 30 bracht hij met zijn halfzus Liesje volksvariété in de omliggende dorpen, en achteraf gingen ze met de hoed rond. Zijn eerste auditie vond plaats in 1944, voor de radio in Brussel. Hij kreeg in 1943 doorgevoerd onderricht van gitarist Frans De Groodt (1892-1990). In dat jaar debuteerde hij met een memorabel optreden in de Antwerpse Ancienne Belgique. Voor een nokvolle zaal zong hij het Zuid-Afrikaanse liedje "Mamma,'k wil 'n man hê". Het lied werd als anti-Duits opgevat door de zin 'Nee mamma, nee, 'n Duitseman, die wil ek nie. Want Schweinefleisch dat lus ek nie.' waarop enkele aanwezige nazi's hem wegvoerden. Kort nadien werd hij opgeëist om in Duitsland te werken. Als alternatief verkoos hij te zingen voor de Vlaamse arbeiders die verplicht tewerkgesteld waren. In oktober 1944 werd hij hiervoor, zonder onderzoek of proces, drie maanden opgesloten in de Mechelse Dossinkazerne. [6] [10]  [13]

In 1945 vormde hij met zijn dorpsgenoot Kees Brug het duo "Two Boys and Two Guitars". Van Calais tot Amsterdam brachten ze imitaties, dichtkunst, Zuid-Afrikaanse liedjes en country, allemaal met veel ruimte voor improvisatie en avontuur. De naam Bobbejaan komt van het Zuid-Afrikaanse liedje "Bobbejaan klim die berg". Vanaf 1945 werd het zijn artiestennaam. [6]

In 1947 kwam hij via Paul Vandessel[22] in contact met de joodse manager Jacques Kluger van World Music Company, een man met aanzien die op zoek was naar talent van eigen bodem. Kluger vroeg hem de Amerikaanse en Canadese troepen te vermaken tijdens de Processen van Neurenberg, in Frankfurt am Main en in Berlijn. Toen een verheugde Kluger plots een vleiende telegram van Majoor Mearker kreeg, werd Schoepen geëngageerd voor een maandenlange tournee door Duitsland. In Berlijn, dat nog deels met grond gelijk lag, werden zijn floorshows ook bijgewoond door de Amerikaanse generaal en militair gouverneur Lucius D. Clay, die hem vroeg voor twee extra voorstellingen. Deze tournees zouden de countrykant in hem verder stimuleren. [10]

Tussendoor gaf Schoepen in eigen land ook nog losse optredens. Hoewel hij aanvankelijk niet in het Nederlands zong, is het Kluger die hem overhaalde om 'een Vlaamse plaat' op te nemen. [10]

De eerste opnames volgen en de "De Jodelende Fluiter" werd Schoepens eerste hit (1948). Dat jaar brak hij ook in Nederland door. Hij werd vaak gevraagd als gastvedette, onder andere bij het bekende radioprogramma "De Bonte Dinsdagavondtrein", gepresenteerd door Frans Muriloff. Die zag in hem de aangewezen man om te werken voor de Nederlandse Welfare. In 1949 ging hij op tournee voor de Nederlandse strijdkrachten in Indonesië. Hij gaf er tussen het wapengeweld door 127 shows op 3 maanden tijd. Omdat hij ook voor de afgelegen troepen ging optreden kreeg hij uit naam van de Nederlandse overheid een onderscheiding voor moed en zelfopoffering. Vijf dagen na zijn thuiskomst begon een tournee in België van 220 dagen. Met nostalgische liedjes als de evergreen "De lichtjes van de Schelde" (1952) behoorde Bobbejaan Schoepen al gauw tot de populairste artiesten van Vlaanderen. [13]

Internationaal

Schoepen toerde in een twintigtal landen, samen met onder andere Josephine Baker, Caterina Valente, Gilbert Bécaud en Toots Thielemans (die in 1951 als gitarist in zijn band speelde). Hij is vermoedelijk de eerste niet-Engelse Europeaan die optrad in de Grand Ole Opry in Nashville, een van de belangrijkste centra van de countrymuziek in de VS. In 1953 trad hij er op met countryster Roy Acuff (1903-1992). Hij speelde ook het concert met countryzanger Red Foley (1910-1968) in Springfield, Missouri. De Amerikaanse countryzanger Tex Williams, grondlegger van de swing country, zal later in de VS een cover van zijn "Fire and Blisters" uitbrengen (1974). [4] [6] [10]

In 1954 volgde er een Europese tournee van drie maanden door Duitsland, IJsland en Denemarken, die traditioneel afgesloten werd met enkele maanden optredens in de Folies Bergère in Brussel. In Denemarken en IJsland was Syd Fox zijn manager. In januari 1955 was Jacques Brel nog niet echt succesvol, om daar verandering in te brengen, mocht hij een week lang deel uitmaken van een dubbelprogramma met Bobbejaan Schoepen in de Brusselse Ancienne Belgique. Bobbejaan had dan al in eigen land aan beide kanten van de taalgrens de status van een internationale vedette bereikt. Hij wordt door het NIR (nu VRT) verkozen tot beste Vlaamse zanger en ontvangt daarvoor de Grote Prijs van de Vlaamse Grammofoonplaat. [10] [14]

Dat najaar toerde Bobbejaan met zijn show een maand door Duitsland en anderhalve maand door Congo.

Scharniermoment

1956 is ook het jaar waarin Bobbejaan de liefde van zijn leven ontmoette. Josephina ‘Josee’ Jongen studeerde klassieke zang aan het Conservatorium van Brussel, daarnaast was ze mannequin en ze werkte in de Folies Bergère in Brussel. Ze kondigde daar o.a. de shows van Bobbejaan Schoepen aan. Daar leerden ze elkaar kennen en werd de kiem gelegd voor hun relatie. In 1959 kreeg Josee een eerste prijs aan het Conservatorium van Brussel voor haar vertolking van Bach.

In 1957 trok Bobbejaan weer naar New York, waar hij gevraagd werd in de televisieshow van de bekende presentator Ed Sullivan. Hij nam er platen op met de gereputeerde manager Steve Sholes van RCA Records. Sholes bood hem een contract aan om onder de naam Bobby John drie maanden lang alle radiostations in de VS af te reizen. Deze tournee was bedoeld om de recente releases te promoten en intussen aan de lopende band nieuwe nummers te schrijven. Maar Schoepen, die reeds tien jaar aanhoudend op tournee was en in Europa contractuele verplichtingen had, zocht stilaan een vaste stek (het latere Bobbejaanland). Hij besloot de succesformule over de oceaan niet verder te zetten. Mogelijk speelde ook de ontmoeting met zijn toekomstige echtgenote evenzeer een rol in die beslissing. [6] [10]

Op 3 maart 1957 vertegenwoordigde hij op de valreep België op het tweede Eurovisiesongfestival. Hij werd door zijn manager Jacques Kluger voor dit evenement halsoverkop van de VS naar Duitsland gehaald en kreeg enkele dagen tijd om drie nummers in te studeren die in aanmerking kwamen. De keuze viel op het (te) licht poëtische "Straatdeuntje". Van de tien deelnemers eindigde België op een gedeelde achtste plaats met Zwitserland.[6] [10]  Dat teleurstellende resultaat had geen negatieve invloed op zijn carrière, in binnen- en buitenland kreeg zijn muziek zelfs nog meer aandacht. Diezelfde maand, op 27 maart 1957, schitterde Bobby Jaan in prime time op BBC televisie in het programma “Show Band Parade” naast o.a. The Beverly Sisters. Dat programma werd gepresenteerd door Cyrill Stapleton en gaf de kans aan bekende en veelbelovende nieuwe artiesten om live met band hun muziek te brengen.[23]

In 1958 zorgde Kluger ervoor dat Schoepen een plaats kreeg in the "Royal Variety Show", een jaarlijks evenement voor de Queen Mum (Elizabeth Bowes-Lyon) van Groot-Brittannië. Via zijn plaatselijke manager Jack Heath hoorde hij er het nummer "A pub with No Beer" van Slim Dusty en Bobbejaan besliste een Nederlandse, Duitse en Engelse coverversie te maken. In 1960 bleef "Ich steh an der Bar und ich habe kein Geld" dertig weken in de hitlijsten in Duitsland, in Oostenrijk werd het een nummer één-hit. De Vlaamse versie "Café zonder bier" dateert uit 1959 en stond dat jaar bovenaan in de hitparade. Later groeide dat lied uit tot een evergreen. [6][15]

Ook zijn Duitse versies van "Hutje op de heide" en "Kili watch" (origine: The Cousins) deden het behoorlijk (onder andere te zien in de Duitse film "Davon träumen alle Mädchen", 1961). Schoepen ging vaak op tournee in Duitsland en Oostenrijk, onder andere in 1955 met Caterina Valente en Dalida. Het leverde hem nieuwe contracten op. Zo werd hij tijdens het filmfestival van Berlijn in 1961 een van de muzikale topacts, waar hij met zijn gekke kunstfluitacts de Deutschlandhalle op z'n kop zette. [16] In de jaren 60 zullen onder andere Gert Timmerman, Camillo Felgen, Heino en James Last de evergreen "Ik heb eerbied voor jouw grijze haren" ("Ich hab Ehrfurcht vor Schneeweissen Haaren") uitvoeren tot een grote Europese hit. Daarvan gingen intussen meer dan drie miljoen stuks over de toonbank. In 1961 bracht Caterina Valente in Italië ook "Schaduw van de mijn" uit onder de titel "Amici miei" en in 1965 zong Richard Anthony de Franse en Spaanse versie van "Ik heb me dikwijls afgevraagd" de internationale hitlijsten in.

In 1967 besloot ZDF een muzikale televisiefilm te maken rond Bobbejaan Schoepen waarin hij zijn hits brengt. De film is gedeeltelijk opgenomen in de Barrandov-filmstudio's in Praag, in de Kempen en in een nog attractieloos Bobbejaanland. [17]

Tournees met circustent: 1958-1961

1958 is het jaar waarin Bobbejaan Schoepen een grote circustent aanschafte om in eigen land efficiënter te toeren. Dat maakte hem onafhankelijk van zaaleigenaars die een steeds hogere huurprijs vroegen en die niet altijd de geschikte ruimte hadden voor zijn programma. Hij nam de tweemaster over van de familie Tondeur, die enige moeite had om haar voorstellingen rendabel te houden. Schoepen kreeg organisatorischalle vrijheid en liet het circus opnieuw floreren. De dagen voordien maakte hij zelf promotie op de voorziene locaties, op zijn eigengereide manier: "Tijdens een cavalcade was ik zelfs met m'n paard een café binnengewandeld, waar ik aan de tapkast m'n grote viervoeter op een emmertje bier trakteerde." [18]

Naar aanleiding van de wereldtentoonstelling Expo 58 kwam er een Amerikaans stuntteam toe in Brussel, een private onderneming onder leiding van rodeokampioen Casey Tibbs. Zijn rodeoshow stond te ver verwijderd van Expo 58, waardoor te weinig mensen hun weg vonden naar zijn optredens. Bovendien scheurde zijn tent tijdens een stormbui en moesten de voorstellingen noodgedwongen stopgezet worden, zijn bedrijf ging failliet. Het team kon zijn vijftigtal paarden niet meer onderhouden en trok daarom weer richting VS. Tibbs was genoodzaakt een deel van de uitrusting van de hand te doen en verkocht onder andere het paard van Zorro - Midnight genaamd - uit de gelijknamige televisieserie aan Bobbejaan Schoepen. Die gebruikte het paard een tijd lang voor stuntjes in zijn shows en als trekpleister tijdens de cavalcades, maar het dier trapte op een blootliggende elektriciteitskabel en overleed. [19]

In 1959 nam Schoepen zelf een nieuwe circustent in gebruik. Die bood plaats aan 900 tot maximaal 1.200 toeschouwers. Het idee voor concerttournees met een circustent was voor die tijd vrij uniek. Deze tournees stopten zodra Bobbejaanland zijn deuren opende in 1961. 

 

Film

Bobbejaan schuwde het experiment niet: tussen 1950 en 1967 speelde hij in vijf films: twee Belgische, twee Duitse en één Duits-Tsjechische. In 1962 had hij de hoofdrol in de absurdistische film "At the Drop of a Head" ("De Ordonnans" of "Café zonder bier"), met onder andere Ann Petersen, Yvonne Lex, Denise De Weerdt, Nand Buyl en Tony Bell. Op de set werd tegelijk een Nederlands- en Engelstalige versie van de film gedraaid. Schoepen was niet te spreken over dit filmavontuur: "De opnames verliepen chaotisch en er werden twee regisseurs de laan uitgestuurd. Jef Bruyninckx (alias De Witte) mocht het dan oplossen". [18]De Belgische cultrock-band Dead Man Ray toerde in 1999 met de film door België en Nederland. Voor Daan Stuyven (Daan) en Rudy Trouvé (ex-dEUS) was de tournee meteen ook een ode aan de (soms miskende) artistieke veelzijdigheid die de artiest Schoepen typeert: "Een vakman die zijn jazzy country-gitaarspel, zijn diepe engelachtige stem en zijn geflipte volkshumor tot een handelsmerk en later tot een pretpark wist om te zetten". [20]

 

Bobbejaanland (variétéperiode)

Bobbejaan Schoepen heeft nooit de bedoeling gehad om een pretpark te bouwen; het huidige attractiepark is ontstaan uit diens muzikale carrière. Na bijna vijftien jaar aanhoudend toeren wilde hij stilaan een vaste stek. In 1959 kocht hij in Lichtaart-Kasterlee een moerassig domein van 30 hectaren, genaamd het Abroek. Hij bouwde er een theaterzaal met 1.200 plaatsen en legde 2,2 kilometer strand aan. Dat werd Bobbejaanland. Zijn manager Jacques Kluger bedacht de naam. [13][18]

Op 31 december 1961 werd Bobbejaanland officieel geopend door Bobbejaan Schoepen en zijn vrouw Josee, die samen het park tot een levenswerk uitbouwden. Schoepen zelf gaf er tijdens het hoogseizoen dagelijks twee tot vijf optredens. Intussen traden er ook andere Belgische, Nederlandse en Duitse variétéartiesten op, al dan niet in het programma van Schoepen zelf. De bekendste namen zijn Louis Neefs, Rocco Granata, Staf Wesenbeek (vader van Lynn), Leo Martin, Will Ferdy, Jan Theys, Will Tura, Staf Permentier en Liliane Saint-Pierre (die hierdoor het besluit nam tot een muzikale comeback). Uit het buitenland kwan nog een gast: Jimmy Ross alias Mel Turner, die in 1981 in Engeland een nummer-1-hit scoorde met "First True Love Affair". Ross (oorspronkelijk uit Trinidad) woonde lange tijd in het park en nam rond 1970 met Schoepen een aantal platen op onder het label Bobbejaan Records. Uit Duitsland onthouden we vooral de actrice en zangeres Ilse Werner en haar bekende landgenoten Rex Gildo en Michael Holm. De Nederlandse showmaster Rudi Carrell, die in Duitsland uitgroeide tot een vermaarde tv-persoonlijkheid, werd voor enkele jaren Bobbejaans buur.

De bekendste orkesten werden geleid door Lou Logist, Roger Eggermont, Bobby Setter, Lou Roman en Claude Rabitsky.

 

Nudie Cars

Gedurende de sixties and seventies bezochten Bobbejaan en zijn vrouw Josee geregeld de Verenigde Staten waar ze goede contacten onderhielden met cultmodeontwerper Nudie Cohn, de acteur Roy Rogers en swingcountrypionier Tex Williams, die in 1974 Bobbejaans song "Fire and Blisters" uitbracht in de VS. Het viertal trad af en toe op in lokale clubs in Los Angeles. [21]

Nudie Cohn en zijn schoonzoon Manuel Cuevas ontwierpen de kostuums voor de cover van Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band van The Beatles, de zwarte pakken van Johnny Cash en de artiestenkleren van Elvis Presley, Gram Parsons en ze maakten ook de showkostuums van Bobbejaan en Josee Schoepen. Van Cohn kochten de Schoepens twee van de legendarische Amerikaanse witte Pontiacs Bonneville die hij had gedecoreerd met authentieke zilveren dollars, kogels, handgemaakte siergeweren en een stierhoorn op de neus. De wagens van Bobbejaan werden gemaakt in 1963 en 1964. Cohn decoreerde in totaal achttien auto's tussen 1950 en 1975. Schoepen maakte er vanaf de glamoureuze jaren 70 zijn handelsmerk van. Deze wagens zijn vandaag nog steeds de sterkste publiekstrekkers van alle attracties die hij ooit had.

Zakenman

Sinds 1975 evolueerde het domein naar een attractiepark waardoor de muzikale carrière van Schoepen langzaam op de achtergrond kwam. Medio jaren 80 werden de shows gebalder en afgestemd op een steeds internationaler publiek. Het attractiepark domineert inmiddels de variété, de zakenman de artiest. Hij blijft toch doorzingen, terwijl de ingekorte shows onvermijdelijk ten prooi vallen aan de routine van het attractiepark. De artiest wordt een rariteit. "Op de duur hadden mijn optredens niks artistieks meer. Vijf minuten voor ik moest beginnen, kreeg ik telefoon van mijn vrouw: ''Twee bussen Duitsers, een bus Denen en drie bussen Spanjaarden." En dan paste ik mijn programma daaraan aan. In Bobbejaanland was geen plaats voor sentiment. Het was werken, werken en nog eens werken om de zaak rendabel te houden. Zestien uur per dag, zeven dagen op zeven. We hadden vierhonderd mensen in dienst die elke maand betaald moesten worden, hé." [4]

Wendingen

Bobbejaan Schoepens leven verliep allerminst rimpelloos: hij belandde in oorlogstijd twee keer in de gevangenis, verloor zijn virtuoze fluitcapaciteiten door een chirurgische ingreep, en onderging in 1986 een zware hartoperatie. In 1999 werd darmkanker vastgesteld, wat het idee aanzwengelde om zijn levenswerk van de hand te doen. Niet stoppen betekent echter doorgaan en in de winter van 2003 deed de familie Schoepen een mega-investering in Bobbejaanland van bijna 12 miljoen euro voor twee attracties in wereldprimeur: Typhoon en Sledge Hammer. Dat jaar deed Test Aankoop een vergelijkend onderzoek van 13 Europese parken. Bobbejaanland komt er voor vrijwel alle aspecten uit als meest gewaardeerde park in België en krijgt op Europees niveau de tweede plaats samen met Disneyland en Parc Astérix.[25]    

De beslissing om het park te verkopen valt toch in april 2004, na een voorbereidingsfase van meer dan drie jaar. Bobbejaanland geeft op dat moment aan 400 mensen werk en wordt overgenomen door Parques Reunidos, een Spaans-Amerikaanse pretparkengroep. Alle speculaties ten spijt blijft het tot op het laatste moment onzeker of de stichter zijn handtekening zal plaatsen. Bepalend is uiteindelijk de onzekerheid over de continuïteit in de toekomst van de pretparken. De familie Schoepen neemt het zekere voor het onzekere, een keuze die de stichter het meest evident lijkt. Als het reportageprogramma Terzake hem na de verkoop vraagt of hij voor het grote geld gekozen heeft, antwoordt Schoepen, voor zich uit starend, "Wat ben ik met al dat geld, ik kan maar twee keer per dag eten." [26]

We kunnen Bobbejaan Schoepen beschouwen als artistieke en zakelijk ingestelde trekpleister van het park, zijn vrouw Josee, de oudste van achttien kinderen, als de zakelijke ruggengraat en haar zus Louisa 'Wies' (1932) als de solide basis op het vlak van boekhouding en financiën. De sleutel tot het succes van dit familiebedrijf lag in de vertrouwensband binnen dit triumviraat en in hun arbeidsethos, dat vanaf de jaren 90 werd versterkt door drie van de vijf kinderen. Met de verkoop verdween in België het laatste familiebedrijf in de sector van de pretparken. Bobbejaan Schoepen en zijn vrouw bleven wel tot aan hun dood op het domein wonen.

 

Muzikale comeback

In 2005 gaf Bobbejaan Schoepen onverwachts vier korte optredens op het literaire festival Saint-Amour, waar hij zijn evergreen "De lichtjes van de Schelde" weer onder de aandacht bracht. Het lied dateert uit 1952 en werd sindsdien talloze keren gecoverd, onder meer door Louis Neefs, Hans De Booij, Wannes Van de Velde en door Will Tura. Op de Eregalerij van Radio 2 in november 2006 werd het lied officieel vereeuwigd door Bobbejaanbewonderaar DAAN. Diezelfde maand blies zoon Tom Schoepen samen met zijn ouders Bobbejaan Records nieuw leven in. Het platenlabel was al in 1966 opgericht, maar stierf een stille dood door het succes van Bobbejaanland.

Onder veel mediabelangstelling kreeg Bobbejaan Schoepen op 13 februari 2007 in de Brusselse Ancienne Belgique een Lifetime Achievement Award voor zijn succesvolle carrière als zanger-muzikant en voor zijn pionierschap in de Belgische muziekgeschiedenis.

Op 19 mei 2008 bracht PIAS in samenwerking met Bobbejaan Records het album "BOBBEJAAN" uit in België, met als gastvocalisten Geike Arnaert (ex-Hooverphonic), Axelle Red, Nathalie Delcroix (Laïs) en Daan Stuyven die ook de hoes ontwierp.

Het idee voor dit project ontstond bij muziekproducer Firmin Michiels toen de cultband Dead Man Ray in 1999 ging toeren met de Bobbejaanfilm "At the Drop of a Head". Maar het plan werd opgeborgen toen bij Schoepen kanker werd vastgesteld. In 2005 starten Michiels (A&R) en producer Tom Schoepen toch met Bobbejaans stemopnames. De beslissing van Michiels om voor Schoepen eerst een optreden op het literaire festival Saint-Amour te regelen was een eerste stap. Michiels begreep dat je Bobbejaan Schoepen niet zomaar kon teruggeven aan het grote publiek: de topperiode was te ver weg en het pretpark had te veel collateral damage toegebracht aan de artiest. Maar de credibiliteit kwam langzaam terug. Het album werd opgenomen in de woonkamer van Bobbejaan, terwijl hij tijdens de opnamesessies geregeld af te rekenen had met gezondheidsperikelen. Tom Schoepen heeft goede herinneringen aan die magische momenten met zijn vader. "Wanneer pa zich goed voelde, namen we liedjes op. Die momenten werden natuurlijk schaarser."

In mei 2008 werd (na ongeveer 35 jaar pretparkperiode) een nieuwe cd uitgebracht. De release kreeg meteen ruime media-aandacht van onder meer de Vlaamse journaals en het duidingsmagazine Terzake. Journaliste Phara de Aguirre interviewde uitzonderlijk de artiest thuis in zijn homestudio.[27] De plaat werd ook lovend ontvangen door de Belgische muziekpers. In de media ging opvallend veel aandacht naar "Le temps des cerises", het duet met Geike Arnaert [28] en het slotstuk van de plaat "Verankerd" [29], waarop de artiest zijn strijd tegen kanker en het ouder worden bezingt: Als je oud bent / Als je ziek bent / Geen toekomst meer, je bent verankerd / Te dragen, te verwerken / Geen leven meer, uitgekankerd. [30][31]

In juli 2008 werd Bobbejaan door de Amerikaanse International Whistlers Convention als eerste Europeaan opgenomen in de Whistlers Hall of Fame, een internationale eregalerij voor kunstfluiters. [35][36]

Op 2 oktober 2009 werd Schoepen de eerste ereburger van zijn geboortestad Boom. En op aandringen van Koning Albert II ontving Bobbejaan Schoepen op 6 juli 2009 het ereteken van Officier in de Kroonorde, uitgereikt aan Belgen met grote artistieke, letterkundige of wetenschappelijke verdiensten.[9]

Eind december 2009 verscheen "The World of Bobbejaan - Songbook", een driedubbele cd met 76 songs die tussen 1948 en 2008 zijn opgenomen. De triptiek vergde vijf jaar voorbereiding en is in de Benelux door Bobbejaan Records uitgebracht als het enige officiële, door de familie geconfirmeerde overzichtswerk van de artiest. [37]

Op 16 mei 2010, werd Bobbejaan Schoepen 85 en een dag later overleed hij onverwachts.

The Legacy continues

Op 17 mei 2011 kwam het boek “Bobbejaan” van Tom Schoepen uit, de officiële biografie, vormgegeven door Stephan Vanfleteren.

Op 13 september 2013 overleed Josee Schoepen. 

De kinderen van Bobbejaan en Josee Schoepen organiseren elk jaar een Bobbejaan Memorial om hun ouders te herdenken. In 2018 was er een groot volksfeest op het Dorpsplein van Lichtaart. Opnames en beelden van dat feest vind je terug in de Bobbejaan Memorial Box.

De kinderen Schoepen hebben het Bobbejaanarchief geïnventariseerd en gedigitaliseerd. Uit respect voor hun ouders hebben ze ook in Herentals een privé-museum ingericht met de platencollectie, de showkostuums en andere waardevolle bezittingen en memorabilia van hun ouders. De Amerikaanse Indianankunst van Josee Schoepen is daarin ondergebracht, je vindt er ook originele objecten uit Bobbejaanland en zelfs de woonkamer en de opnamestudio uit Bobbejaanland zijn er nagebouwd.[24] 

Om zijn vader te herdenken met een volwaardige laatste Bobbejaanplaat trok Tom Schoepen in 2014 met Firmin Michiels naar Memphis. Ze namen met soulmuzikanten uit Memphis nieuwe muziek op van twaalf Bobbejaansongs, waaronder “They Killed a King”. Bobbejaan Schoepen en zijn muzikale partner Mel Turner (Jimmy Ross) schreven en componeerden het nummer in april-mei 1968 als reactie op de moord van Martin Luther King. Dat nummer werd uitgebracht op single in de periode dat de zakenman de muzikant begon te domineren. 

Omdat dat nummer buiten Bobbejaanland amper publiek bereikt had, was het voor Sam Moore des te interessanter om een Memphisversie van “They Killed a King” te maken, die soulful en nog steed actueel is. Sam Moore kennen we als de helft van het duo Sam & Dave, ze maakten furore met hits als “Hold on I’m coming”. Moore zong een nieuwe versie van de song in de Royal Studio in Memphis, eigendom van de legendarische producer Willie Mitchell. Zijn zoon Laurence Mitchell vertelt over dat nummer: “This song is so, so strong, it could have been recorded in the 60s or 70s in Stax Memphis by the best soul artists”.

In 2015 ging de docufilm “Bobbejaan” in première in de Vooruit in Gent. De film toont Bobbejaan en Josee Schoepen thuis en in de studio in de herfst en in de winter van hun leven. De film gaat over onvoorwaardelijke liefde en teloorgang. Tom Schoepen filmde zijn ouders van dichtbij en regisseur Benny Vandendriessche maakte er een breekbaar portret van. In 2016 werd de docufilm vertoond in de Belgische bioscoop, op filmfestivals en op televisie.

In juni 2016 komt het album “Duivels in de hel” uit, vormexperimenten waarin je hoort hoe Bobbejaan songs laat ontstaan in zijn homestudio. Hij maakte de opnames in de desolate winters tussen 1966 en 1979, tijdens de wintersluiting van Bobbejaanland.

In het seizoen 2016-2017 toerden Jan De Smet, Guido Belcanto en Barbara Dex en hun band met Ode aan Bobbejaan door Vlaanderen. Ze oogstten lof en staande ovaties voor hun keuze uit het rijke Bobbejaanoeuvre en hun interpretatie van de liedjes.

Als alles goed gaat, gaan Klaas Delrue, Isabelle A en Guido Belcanto in het theaterseizoen 2020-2021 op reis met het liedjesprogramma De wereld van Bobbejaan. Zij maken in samenspraak met Firmin Michiels opnieuw een eigenzinnige keuze uit het repertoire van Bobbejaan Schoepen.

View the embedded image gallery online at:
https://www.bobbejaan.be/biografie#sigProId41375e4c4e
 

Onderscheidingen en nominaties

* 1949: Oorkonde voor moed en zelfopoffering voor de muzikale ondersteuning van Nederlandse frontstrijders in Indonesië, uitgereikt door Generaal Baay, opperbevelhebber van de Nederlandse troepen in Oost-Java.
* 1955: Bobbejaan Schoepen, verkozen tot beste Vlaamse zanger, ontvangt de Grote Prijs van de Vlaamse Grammofoonplaat (NIR i.s.m. Studio Gent, 15 maart 1955)
* 1965: Education Artistique, diplôme de Croix d'Honneur de Chevalier. Op 30 juni 1965 uitgereikt door de Académie Nationale Artistique Littéraire et Scientifque, Paris (no 5177), voor het lied "Je me suis souvent demandé"
* 1978: Platina plaat voor 30 jaar Vlaamse hits, Telstar
* (algemeen) 25 gouden platen
* 1986: Ridder in de Kroonorde (België), 9 april 1986, uitgereikt door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
* 1992: Bobbejaanland ontvangt van IAAPA in Dallas (VS) de Brass Ring Award: 1e prijs voor beste publiciteitsbrochure.
* 1993: Medaille van Sabam - Belgische Artistieke Promotie, 19 januari 1993
* 1995: Medaille van Sabam - Belgische Artistieke Promotie, 26 september 1995
* 1995: Oorkonde België, Orde van Leopold II: Officier in de Orde van Leopold II, 26 september 1995, uitgereikt door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
* 2000: Ereplaats in de Radio 2 Eregalerij, 2000
* 2000: "Ik heb eerbied voor jouw grijze haren" (nominatie door Radio 2 Eregalerij)
* 2005: "De lichtjes van de Schelde" (nominatie door Radio 2 Eregalerij, november 2005)
* 2006: "De lichtjes van de Schelde" (winnend lied in de Eregalerij, november 2006)
* 2007: Lifetime Achievement Award, ZAMU Awards 2006 (13 februari 2007)
* 2008: Whistlers Hall of Fame (International Whistlers Convention, op 21 juli 2008 uitgereikt in Tokio)
* 2009: Officier in de Kroonorde, uitgereikt door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (6 juli 2009)
* 2009: Eerste ereburger van Boom, naar aanleiding van het 700-jarig bestaan van deze gemeente (2 oktober 2009)

Filmografie

* "Ah! 't Is zo fijn in België te leven" (Speelfilm 1950, België)
* "Televisite" (televisieserie 1955, België)
* The Eurovision Song Contest (1957)
* "At the Drop of a Head" / "De Ordonnans" / "Café zonder bier" (Speelfilm 1962, België)
* "O sole mio" (muzikale film 1960, Duitsland)
* "Davon träumen alle Mädchen" (muzikale film 1961, Duitsland)
* "Bobbejaanland", filmproductie ZDF-Duitsland - Regie: Vladimir Sis, 1967, Studio Barrandov Praag (Televisiefilm 1967)
* "Der Goldene Schuß" - TV Episode (Musical, 1969)
* "Uit met Bobbejaan" (BRT 1969)
* "30 jaar Bobbejaan" (BRT 1978)
* "Bobbejaan 70" (BRT 1995)

Artiestennaam

* België en Nederland: Bobbejaan Schoepen
* Duitsland en Oostenrijk: Bobby Jaan, Bobbejaan
* Denemarken en IJsland: Bobby Jaan
* Frankrijk: Bobby Jaan, Bobby Jann, Bobbi-Jean
* Verenigde Staten: Bobby John

Trivia

* Schoepen koos in 1945 Bobbejaan als artiestennaam (letterlijk vertaald baviaan in het Afrikaans), naar het liedje "Bobbejaan klim die berg!".
* Rond 1950 begeleidde gitarist Django Reinhardt de eerste muzikale producties van Bobbejaan Schoepen.
* Bobbejaan Schoepen bedacht rond 1967 de naam Paribas, de voormalige Bank van Parijs en de Nederlanden. [40][41]    
* Hij werd gevraagd om The Rolling Stones bij hun eerste tournee in België af te halen op de luchthaven van Zaventem, maar hij weigerde omdat hij notie had gekregen van hun 'gortig puberaal gedrag'.
* Hij had een eigen strip: "De Bobbejaanstory", door Jef Broeckx, Jacques Bakker, Ronnie Van Riet. Uitgeverij Het Volk, Gent. (1977)
* Hij figureerde in het stripalbum "Jommeke in Bobbejaanland", uit de serie Jommeke van Jef Nys. (1978)
* Bobbejaan verscheen als concurrent van Urbanus in het Urbanusalbum "De pretparkprutsers".
* Bobbejaan Schoepen kocht in 1958 van revolveracrobaat Casey Tibbs het paard van Zorro uit de oude televisiereeksen, maar het dier trapte op een blootliggende elektriciteitskabel en gaf de geest.
* "A pub with No Beer" ("Café zonder bier") gaat over een bar die werkelijk bestaan heeft. In Australië heerst er controverse om welke pub het nu eigenlijk gaat.
* Rockartiest Daan zong in maart 2007 een eigenzinnige versie van "De lichtjes van de Schelde" de finale in van het VRT-programma "Zo is er maar één", dat op zoek gaat naar de mooiste Nederlandstalige liedjes.
* In 2005 eindigde Bobbejaan Schoepen op nr. 406 in de Vlaamse versie van De Grootste Belg, buiten de officiële nominatielijst.

Bronnen, noten en referenties

Bronnen

* "Bobbejaan Schoepen" (Johan Roggen, Uitgeverij het Volk, 1980 - D/1980/2345/10).
* "De Vlaamse kleinkunstbeweging na de Tweede Wereldoorlog - Een historisch overzicht" (Peter Notte, Universiteit Gent 1992)
* "Bobbejaan Schoepen, een Vlaams entertainer" - Histories documentaire, 4 januari 2001 (Canvas)
* "Bobbejaan Schoepen - Het Belgisch Pop & Rock Archief" (Dirk Houbrechts en Muziekcentrum Vlaanderen, 2001)
* "Brel Le flamand" - Histories documentaire, 2003 (Canvas)
* Bobbejaan Schoepen Archief - Bobbejaan Records bvba ®
* "Bobbejaan", officiële biografie - (Tom Schoepen, Volkskundige Kroniek, juni 2006)

Noten

2. ^ a b "Bobbejaan Schoepen, een Vlaams entertainer" - Histories documentaire, 4 januari 2001 (Canvas)    
3. ^ Bobbejaan Schoepen    
4. ^ a b c "Schoepen Troef" - Knack Focus, 14 februari 2007    
5. ^ Bobbejaan Schoepen genomineerd voor Amerikaanse eregalerij kunstfluiters (Belga/lb), 08/02/08    
6. ^ a b c d e f g "Bobbejaan Schoepen, een Vlaams entertainer" - Histories documentaire, 4 januari 2001 (Canvas)    
7. ^ "Je me suis souvent demandé" - official clip (1965)    
8. ^ Education Artistique, diplôme de Croix d'Honneur de Chevalier, op 30 juni 1965 uitgereikt door Académie Nationale Artistique Littéraire et Scientifique, Paris (no 5177).    
9. ^ a b c "Bobbejaan Schoepen krijgt ereteken van Officier in de Kroonorde"    
10. ^ a b c d e f g h "Bobbejaan", officiële biografie Bobbejaan Schoepen - Tom Schoepen, Volkskundige Kroniek, juni 2006    
11. ^ Lifetime Achievement Award ZAMU Awards Belgium    
12. ^ International Whistlers Convention - North Carolina    
13. ^ a b c "Bobbejaan Schoepen, de Vlaamse troubadour die de wereld veroverde" (Johan Roggen, Uitgeverij het Volk, 1980 - D/1980/2345/10)    
14. ^ Documentatie tijdlijn anno 1955, officiële website    
15. ^ Australië viert 50 jaar "Café zonder bier": Radio 2GB Sydney interviewt Bobbejaan Schoepen"    
16. ^ "Bobbejaan Schoepen triomfeert op filmfestival Berlijn" Het Nieuwsblad, 1961 (exacte publicatiedatum onbekend)    
17. ^ "Bobbejaanland" filmproduction ZDF - Regie: Vladimir Sis, 1967    
18. ^ a b c "De Bobbejaan Story" (reeks). Humo, 5 november 1964    
19. ^ De Standaard - 15 mei 2004    
20. ^ Dead Man Ray op tournee met film Bobbejaan Schoepen uit 1962    
21. ^ "30 jaar Bobbejaan" - TV-show, BRT, 1978    
22. ^ Voormalig directeur bij het NIR, afdeling ontspanning.   
23. ^ aankondiging in Radio Times, 22 maart 1956  
24. ^ Het museum is te bezichtigen Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. en het wordt af en toe opengesteld voor publiek.  
25. ^ Test Aankoop magazine 477, juni 2004    
26. ^ Terzake, dinsdag 11 mei 2004    
27. ^ [1] Overzicht beeldarchief VRT, 15 mei 2008    
28. ^ "Le temps des cerises" - official clip (2008)    
29. ^ "Verankerd" - official clip (2008)    
30. ^ http://www.bobbejaan.be/index.php?pagina=media&mode=beschrijving&id=195 Bobbejaan is back (Het Nieuwsblad, 17/05/2008)    
31. ^ http://www.demorgen.be/dm/nl/1343/Muziek/article/detail/292042/2008/05/28/Bobbejaan-Schoepen---Bobbejaan.dhtml (De Morgen, 28/5/2008)    
32. ^ "De culturele weerwraak van de jodelaar" - De Standaard 10/05/2008    
33. ^ [2] "Bobbejaan: de laatste nieuwe plaat van Bobbejaan Schoepen" - HUMO 13/5/2008    
34. ^ [3] Persbericht - 24/04/2008.    
35. ^ http://www.whistlingiwc.com/ International Whistlers Convention    
36. ^ http://www.klara.be/cm/klara/2.607/1.32478 Schoepen in US Whistlers Hall of Fame - VRT-journaal, July 21, 2008    
37. ^ "The world of Bobbejaan-songbook (1948-2009) - Muziekcentrum Vlaanderen    
38. ^ "Bobbejaan Schoepen wordt 85 en brengt live-cd uit"    
39. ^ "Bobbejaan Schoepen (85) beleeft revival" - Dagblad Trouw (ANP), 16 mei 2010    
40. ^ "Bobbejaan en de naam Paribas", 7 oktober 2008    
41. ^ "Het beste moet nog komen" - Bobbejaan Schoepen, interview met Friedl' Lesage, Radio 1, 14 februari 2007